____________________________________________________________________
 

 20-9-2004

Op bezoek in een Zweedse gevangenis

Vorige week dinsdag vloog ik naar Göteborg om Maarten in de gevangenis te bezoeken. Dit klinkt simpeler dan het is, want voordat je op bezoek kunt, moet er een hele procedure doorlopen worden. Allereerst moet Maarten een formulier indienen met daarop ingevuld de naam en geboortedatum van degene die hij wil ontvangen. Dat wordt dan wel of niet goedgekeurd (ik kwam zowaar door de keuring) en vervolgens moet je dan zelf tussen 10 en 11 uur ’s ochtends bellen met een speciaal nummer van de gevangenis om een afspraak te maken. Ik dacht dat het voor beide partijen wel handig zou zijn om meteen voor twee dagen te boeken, maar nee hoor: je kunt maar één afspraak tegelijk maken. Voor de volgende moet je, nadat je staande afspraak is geweest, opnieuw bellen. Voorts verdient het aanbeveling om te vragen of je om twee uur mag komen omdat je tenslotte niet helemaal uit Amsterdam bent gekomen om hem maar een uurtje of zelfs een half uur te kunnen bezoeken. Ik kreeg de eerste keer dat ik belde een aardige mevrouw aan de lijn, die uit zichzelf al twee uur voor mij boekte, maar de tweede keer heb ik echt moeten zeuren om weer twee uur te krijgen.

Dit wat betreft het formele gedeelte. Het praktische deel is aanzienlijk eenvoudiger. Je neemt vanuit het centrum van Göteborg op Brunnsparken bus 52 en je stapt aan het eindpunt uit. Je ziet dan de gevangenis al liggen. Je loopt de weg een klein stukje terug en het bord “Kriminalanstalten” wijst verder de weg. Aanbellen en melden bij het hek, bij de ingang van het gebouw je legitimatie laten zien, jas en tas in een kluisje stoppen: klaar. Als je wat hebt meegebracht (geen eten of drinken!) voor Maarten, moet je dat bij de ingang afgeven. Zij zorgen dan dat hij het krijgt.
Vervolgens wordt je in een klein kamertje geleid en na enig wachten…… daar is ie dan!

Ik vond dat Maarten er goed uitzag en ook redelijk opgewekt was. Ook was hij voorzichtig optimistisch over de zitting van de 23ste. Waarschijnlijk komt dit door zijn advocaat, die zich vol overgave op de zaak heeft gestort.
Over het algemeen wordt hij door het gevangenispersoneel vriendelijk behandeld; er is zelfs een vrouw die tegen hem heeft gezegd dat ze vindt dat hij daar niet thuishoort, dat ze zelf ook bij de top heeft gedemonstreerd en dat ze vindt dat een aantal Zweedse politie-agenten in de gevangenis horen te zitten.
Op de afdeling waar hij nu zit, heeft hij meer vrijheden dan eerst. Alleen tussen 12 en 3 worden de gevangenen ingesloten, en ’s avonds (ik weet niet meer hoe laat), maar voor de rest zijn de deuren open en kunnen ze ook buiten spelen (basketballen!). Hij heeft nu wat meer contact met zijn lotgenoten en heeft slachtoffers gevonden om mee te schaken. Ook heb ik het eelt moeten bewonderen dat hij heeft gekweekt met het vele schrijven wat hij nu doet. Hij krijgt nog steeds ontzettende veel post, gemiddeld 15 brieven en kaarten per dag, en die probeert hij zoveel mogelijk te beantwoorden. Daarnaast houdt hij ook nog een dagboek bij.

Ik denk dat die post heel belangrijk is voor Maarten en ik hoop dat mensen hem blijven schrijven.
Het allermooiste is natuurlijk op bezoek gaan. Maarten mag 1 keer per dag bezoek ontvangen, maximaal 4 mensen tegelijk. Als je er met het vliegtuig heen wilt, kun je het beste zo ver mogelijk van tevoren boeken en dan pas een afspraak maken met de gevangenis, in plaats van andersom (zoals ik heb gedaan), dat scheelt honderden euro’s.

Maar laten we hopen dat dit allemaal niet hoeft en dat we Maarten de 23ste of 24ste mee terug kunnen nemen in de bus!
Erica Sant